Kraamzorgtips

Voeding · als het even niet lekker loopt

Borstvoedingsproblemen: wat doe je bij welke klacht?

Pijnlijke tepels, keiharde borsten, een rode plek of witte stipjes in het mondje van je baby: de meeste borstvoedingsproblemen zijn goed op te lossen, zeker als je er snel bij bent. Deze pagina loopt de vier meest voorkomende klachten langs, stap voor stap, en vertelt wanneer je hulp inschakelt.

Eerst dit: pijn is een signaal, geen normaal onderdeel

In de eerste dagen kunnen je tepels gevoelig zijn, vooral tijdens de eerste minuten van een voeding. Dat komt bij bijna alle vrouwen voor en trekt meestal weg. Maar pijn die de hele voeding aanhoudt, of pijn die na de eerste week blijft, is niet normaal. Het is bijna altijd een teken dat er iets te verbeteren valt, meestal aan het aanleggen. Vraag er dus hulp bij: aan je kraamverzorgende, verloskundige, het consultatiebureau of een lactatiekundige. Doorbijten maakt het probleem alleen maar groter.

Tepelkloven

Wat het is. Scheurtjes of wondjes in de tepel. De belangrijkste oorzaak is dat je baby de tepel niet goed in de mond neemt: hij zuigt dan alleen op de tepel in plaats van op een flink stuk tepelhof.

Wat je doet, in deze volgorde:

  • Stap 1: het aanleggen verbeteren. Dit is altijd de eerste stap. Zorg dat je baby de mond wijd open heeft en een groot deel van de tepelhof mee in de mond neemt. Doet het aanleggen pijn, haal je baby dan voorzichtig van de borst (verbreek eerst het vacuüm met je pink) en leg opnieuw aan. Laat je kraamverzorgende of een lactatiekundige meekijken; vaak is één correctie genoeg.
  • Stap 2: de tepel laten herstellen. Over smeren zijn de bronnen niet eenduidig: Thuisarts stelt dat crèmes of zalven de genezing niet versnellen, terwijl La Leche League gezuiverde lanoline noemt als optie tegen de pijn. Verwacht er dus geen wonderen van; het aanleggen verbeteren blijft het echte werk.
  • Stap 3: zo nodig tijdelijk kolven. Is de pijn te erg om te voeden, dan kun je een paar dagen kolven en de melk met een ander middel geven. Zo krijgt het scheurtje de kans om te helen terwijl je melkproductie op gang blijft. Zie kolven voor hoe je dat aanpakt.

Wanneer bellen. Krijg je bij tepelkloven opeens koorts of word je ziek, bel dan direct de huisarts of huisartsenpost. Via een kloof kan een borstontsteking ontstaan.

Stuwing

Wat het is. In de eerste week na de geboorte, meestal rond dag 2 tot 6, komt je melkproductie goed op gang. Je borsten kunnen dan vol, hard, warm en pijnlijk worden. Dat heet stuwing. Het is een normaal onderdeel van de start en gaat meestal binnen een paar dagen over.

Wat je doet:

  • Vaak en lang genoeg voeden. Laat je baby 8 tot 12 keer per etmaal drinken en laat de eerste borst goed leegdrinken. Drinken is de beste manier om de druk eraf te halen.
  • Lukt aanhappen niet door de spanning? Kolf dan met de hand een klein beetje melk af, net genoeg om de tepelhof zachter te maken zodat je baby weer goed kan aanhappen. Dit kleine beetje verergert de stuwing niet.
  • Koude na de voeding. Een koude doek of een gekoeld kompres tussen de voedingen verlicht de pijn. Haal de koude er ruim voor de volgende voeding weer af.

Wanneer bellen. Stuwing zit in beide borsten en geeft geen koorts. Krijg je één rode, pijnlijke, warme plek of word je grieperig, denk dan aan een borstontsteking (zie hieronder). Twijfel je in de kraamweek, vraag het je kraamverzorgende of verloskundige.

Borstontsteking (mastitis)

Wat het is. Een ontsteking in de borst. Je borst doet pijn, voelt dikker en warmer aan en is bij een lichte huid ook rood. Je kunt je ziek voelen en koorts hebben.

Wat je doet:

  • Blijf voeden, juist aan de zieke borst. Dat is heel belangrijk en niet schadelijk voor je baby. Stoppen maakt de klachten juist erger.
  • Warmte vlak voor en tijdens de voeding (warme doek of warme douche) zodat de melk makkelijker stroomt; koude na de voeding tegen de pijn.
  • Masseer zacht richting de tepel tijdens het voeden en neem het rustig aan.
  • Paracetamol mag tegen de pijn en de koorts.

Wanneer naar de huisarts bij borstontsteking

  • Bel direct de huisarts of huisartsenpost als je borstvoeding geeft en opeens koorts krijgt, of als je tepelkloven hebt en ziek wordt.
  • Maak een afspraak als je de adviezen hierboven volgt en je klachten na 24 uur niet minder zijn.
  • Krijg je medicijnen (antibiotica) en zijn de klachten na 2 dagen niet minder, ga dan terug naar de huisarts.

Spruw

Wat het is. Een schimmelinfectie (candida) die tussen moeder en baby heen en weer kan gaan. Bij je baby zie je een witte tong of witte plekjes tegen de wangen en op het gehemelte die je niet weg kunt vegen; kun je ze wel wegvegen, dan zijn het melkrestjes en is het geen spruw. Bij jou kan spruw branderige, scherpe of schietende pijn in de tepels geven, ook ná de voeding.

Wat je doet:

  • Overleg met huisarts of apotheek. Niet elke spruw hoeft behandeld te worden; behandeling is vooral nodig als je baby er last van heeft bij het drinken of als jij pijnklachten hebt. Je baby krijgt dan een middel voor in de mond; jij een crème voor op de tepels (afwassen voor de voeding).
  • Behandel altijd allebei tegelijk, ook als een van jullie twee geen klachten heeft. Anders besmetten jullie elkaar opnieuw.
  • Borstvoeding kan gewoon doorgaan. Let extra op hygiëne: handen wassen, spenen en kolfonderdelen goed schoonmaken.

Wanneer bellen. Gaat de spruw met behandeling na 2 tot 3 weken niet weg, of drinkt je baby slecht, neem dan (opnieuw) contact op met de huisarts.

Ook goed om te kennen: een verstopt melkkanaaltje

Een pijnlijke, harde, gezwollen plek in de borst zónder koorts is vaak een verstopt melkkanaaltje. Blijf gewoon doorvoeden aan die borst, leg een warm kompres op de plek voor de voeding en druk tijdens het drinken de borst zachtjes samen (borstcompressie). Meestal lost het binnen 24 tot 48 uur vanzelf op. Is de plek na 48 uur niet weg, of komt er koorts bij, schakel dan een lactatiekundige of de huisarts in. Een pijnlijk wit blaartje op de tepel kan erbij horen; laat dat door een lactatiekundige of huisarts bekijken en prik het niet zelf door.

Zelf proberen, lactatiekundige of huisarts?

  • Zelf proberen (met je kraamverzorgende of verloskundige): gevoelige tepels in de eerste dagen, beginnende kloofjes, gewone stuwing, een verstopt kanaaltje korter dan 48 uur.
  • Lactatiekundige (IBCLC): pijn die ondanks aanlegcorrectie blijft, kloven die niet helen, terugkerende verstoppingen, twijfel of je baby genoeg drinkt. Je hebt geen verwijzing nodig en kunt zelf contact opnemen. De basisverzekering vergoedt lactatiekundige hulp niet, maar veel aanvullende verzekeringen vergoeden (een deel van) de consulten, meestal alleen bij een lactatiekundige IBCLC die bij de beroepsvereniging NVL is aangesloten. Check je polis; sommige polissen vragen alsnog een verwijzing.
  • Huisarts: opeens koorts tijdens de borstvoedingsperiode, tepelkloven waarbij je ziek wordt, borstontsteking die na 24 uur zelfzorg niet verbetert, spruw die behandeld moet worden.

Dit rijtje is een praktische samenvatting van de adviezen van Thuisarts en de NVL, geen officieel protocol. Twijfel je, bel dan gewoon; je verloskundige (tot en met dag 10) of huisarts denkt graag mee.

Verder lezen op deze site

Alles over de start van borst- en flesvoeding staat bij voeding. Moet of wil je (tijdelijk) kolven, kijk dan bij kolven; gekolfde melk goed bewaren staat bij melk bewaren.

Bronnen: Thuisarts.nl, Ik geef borstvoeding en heb een probleem · Thuisarts.nl, Borstontsteking bij borstvoeding · Thuisarts.nl, Mijn baby heeft spruw · La Leche League NL, Pijnlijke tepels en kloven · La Leche League NL, Stuwing · La Leche League NL, Pijn bij het voeden · Voedingscentrum, Hulp bij borstvoeding · Kenniscentrum Borstvoeding, Verstopte melkkanalen en witte blaar · Kenniscentrum Borstvoeding, Spruw · NVL, Informatie voor ouders · Zorgwijzer, Vergoeding lactatiekundige

Deze pagina is algemene informatie en vervangt geen medisch advies. Elke borstvoedingssituatie is anders; bespreek klachten altijd met je kraamverzorgende, verloskundige (tot en met dag 10), lactatiekundige of huisarts. Bij nood 112.